De weg naar de top was lang en zwaar – verslag van Rob van der Werve

Het zit er weer op!  Ehm nee, dan heb ik het niet over het Ned. elftal maar kijk ook ik, nog even terug naar Alpe d’HuZes. 

De weg naar de top was lang en zwaar. En dan heb ik het niet alleen over die laatste 14km (maal 3!) maar ook de trainingsarbeid en het geld inzamelen. Het kostte tijd, geld en inspanning maar het was in alle opzichten de moeite waard.

 

Het belangrijkste eerst. Mijn eindstand is geworden: € 3.628. Ruim meer dan mijn streefbedrag. Als team hebben we € 34.206 opgehaald en samen met de teams (voorlopig): € 104.683!  

Daarmee kan veel goeds gedaan worden. En zeker het met bedrag van bijna 29 miljoen die alle deelnemers bij elkaar ingezameld hebben!

 

Heel veel dank aan mijn sponsors, vrijwilligers, supporters en andere medestanders!

 

 

 Vorige week woensdagmorgen regende het, het regende hard. Om 9:00 ’s ochtends doken we in dat weer de Alpe d’Huez af. Ik ben niet echt bang in de afdaling, ik heb mijn fiets onder controle. De vrouw van een collega kwam mij voorbij zeilen, ze durfde niet meer te remmen… Gelukkig was er een uitloop zodat ze toch nog veilig tot stilstand kwam. Ze ging stapvoets verder.

 

Op gegeven moment begint mijn fiets raar te trillen. Het is niet mijn fiets, ik ben het zelf. Regen en stilzitten zijn geen ideale startcondities. Beneden moeten we nog drie kwartier wachten. Als de directeur van de Tour de France ons wegschiet, verlaten we stijfjes het dorp door een haag van toeschouwers. Als ik niet al kippenvel had…

 

De klim gaat goed, het steile deel, de eerste twee kilometer, ga ik op mijn kleinste verzet (34×30) om me niet over de kop te fietsen. Op 80 ‘percent’ zou Van Moorsel zeggen. Daarna schakel ik naar 34×27 en rijd in één ruk naar boven: Gestaag haal ik andere renners in. Een aantal daarvan verdenk ik meer polonaisemeters dan trainingsuren in de benen te hebben maar het verrast me toch. Af en toe gaat iemand mij voorbij. In een aantal bochten is het carnaval losgebroken. 

 

 

 

 Boven wordt ik goed opgevangen door de vrijwilligers: collega’s die morgen rijden. Na droge kleren aantrekken en wat eten daal ik rustig af, netjes tot 45km/u. De weg is bijna droog. Voor de tweede klim gebruik ik dezelfde tactiek, of beter gezegd techniek. Onderweg geef ik Maarten Peters die het Alpe d’HuZes lied zingt een high-five. De kilometers worden zwaarder maar het gaat goed, ik hou mijn hartslag in de gaten en blijf net onder mijn omslagpunt. Ik rijd ongeveer 10km/u, een met-gewone-fiets-boodschappen–doen tempo.

 

Voor me spuugt iemand een net langs de kant aangeboden stuk ontbijtkoek uit. Nooit iets aanpakken van toeschouwers, zeg ik tegen hem in het voorbijgaan. Na de finish is het weer aanvullen en nog een keer dalen. Voor me rijden motoren en ik blijf in hun spoor, het gaat met 50km/u omlaag. 

 

 

 

Voor de laatste keer het steile eerste stuk. Het is ondertussen warmer en zwaarder. Als ik bij bocht 16 aan kom stop ik even. Er staan collega’s en het moeilijkste is geweest. Even moed laten inspreken en weer opstappen. Ik ga van bocht tot bocht (ik hoorde dat een andere collega van massagetafel naar massagetafel ging) en neem me telkens voor even te stoppen maar ik doe het niet. Ik zie alleen nog maar asfalt en concentreer me op mijn ademhaling. Dichter bij het dorp Huez worden de aanmoedigingen luider en stijgt mijn moraal weer. Ik zet nog even aan en voor ik het weet mag ik drie vingers de lucht insteken als ik langs de roze dames over de finish rol. Ik ben er!

 

De woensdag was, vergeleken met de donderdag, een halve dag. Na drie keer naar boven was er geen tijd meer voor een volgende. Het is echter niet zo dat 3x klimmen op een halve dag betekent: 6x op een hele dag. Elke klim is duidelijk zwaarder dan de vorige.  

Drie keer reed ik in een tijd binnen anderhalf uur naar boven (ongeveer 5,5 uur op de fiets in totaal.) Daarmee ben ik erg tevreden. Twee van de andere collega’s (oa Casper) deden me dat na (we waren in totaal met 31) en allebei zijn ze wedstrijdrijders. Tijd maakte niet uit maar geeft aan dat ik de uitdaging serieus heb genomen en goed heb volbracht.

 

 

Na deze terugblik ook een kleine blik in de toekomst. Wat ik geleerd heb is dat die toekomst onzeker is, liever dus vandaag dan morgen. Alleen, na vandaag deze berg te hebben bedwongen zie ik mij dat volgend(e) jaar/jaren niet zo gauw weer doen. De mensen (en dieren) in mijn directe omgeving kwamen het afgelopen half jaar niet (direct) op de eerste plaats en daar horen ze wel.

Wat ik wel weer wil doen is me inzetten voor een Goed Doel. Alleen kleinschalig(er) en hopelijk met mensen die de Alp een berg brug te ver vonden.

 

Jullie horen dus nog van me in de loop van het jaar,

Rob

 

Zie ook: http://wigo4higher.wordpress.com/